Ook al wilde ik elke dag sterven, ik koos ervoor om terug te keren in de wereld met de gedachte dat ik nog steeds kon helpen of iets goeds kon doen met mijn leven.
Homo zijn was trouwens niet relevant voor het goddelijke.
Ik stond op het punt om opgezogen te worden toen mijn moeder haar hand op mijn voorhoofd legde. Ik zag een verguld kruisbeeld op haar handpalm en ze weerhield me ervan weg te gaan.
