In ons levensoverzicht beoordelen we onszelf; niemand anders doet dat. Het licht/de god deed dat niet.
Maar zonder ego – en zonder leugens – kunnen we ons niet verbergen voor wat we gedaan hebben en spijt en schaamte voelen, vooral niet in de aanwezigheid van deze liefde en dit licht.
Sommige dingen in het leven die wij belangrijk vinden, lijken daar niet zo belangrijk te zijn. Maar sommige onbelangrijke dingen vanuit het materiële menselijke perspectief zijn spiritueel heel belangrijk.”
